Navigatie overslaan    Zoeken

Hoofdnavigatie


Subnavigatie

Wat is dataschurk?

Criminele processtukken, geïnventariseerd en geredigeerd door Dr. Aart Vos, historicus Stadsarchief 's-Hertogenbosch, email Aart Vos.

Permanente galg op de Vughterheide. Na voltrekking van het vonnis op de markt bleven de lijken hier enige tijd hangen ter afschrikking.

Korte inleiding
U vindt in deze database de criminele procesdossiers, zoals die bij de schepenbank van 's-Hertogenbosch in de periode 1550-1803 ontstaan zijn. Een uitgebreide inleiding vindt u aan het eind van dit document.
U kunt op verschillende onderwerpen zoeken, zoals persoonsnamen, misdaden en straffen. U kunt in de toelichting bij de velden vinden welke gegevens in Dataschurk opgenomen zijn.

Toelichting bij de velden
Dossiernummer Inventarisnummer c.q. opbergnummer.
De oorspronkelijke nummering van archivaris mr.J. Smit, die rond 1920 een toegang maakte op het archief van de Bossche Schepenbank, is zoveel mogelijk aangehouden. De processtukken waren zeer verspreid opgeborgen. Uit de 'civiele processtukken' is zeer veel crimineel materiaal te voorschijn gekomen. Naar verwachting zal het bestand crimineel nog groeien door regelmatige 'vondsten'.

Jaar
Het jaar dat genoemd wordt is in het algemeen het jaar dat het proces gevoerd werd. Wanneer dit niet duidelijk was is het jaar aangehouden van het misdrijf.

Gegevens betreffende de verdachte
Naam van de verdachte, die in verschillende spellingvarianten voor kan komen, zoals bijvoorbeeld Hendriks, Henrix, Hendrickx, Henricx, enz. In het algemeen is één spellingsvariant opgenomen. Voorts voornamen, bijnamen, geboorte- en woonplaats(en), beroep(en), religie (ook vermeldingen "heijden")burgerlijke staat en poortes-/burgerschap.

Gegevens betreffende het misdrijf
De aard van de misdrijven, waarbij opgemerkt dat een gearresteerde vaak van meerdere misdrijven verdacht werd. Getracht is zoveel mogelijk 'neutraal' te blijven. Moord en doodslag wordt niet vermeld, wèl het neutrale 'doden'. Indien mogelijk wordt hierbij aangegeven hoe er gedood werd: steken, schieten, slaan, enz. Voorts vermeldingen van plaats(en) van het misdrijf, slachtoffers, medeplichtigen, bendes en recidive.

Berechting
Hier wordt naast de eis van het Hoog-Officie (Openbare Aanklager, t.w. de Hoog- en Laagschout van 's-Hertogenbosch), ook de tortuur (de verdachte kon pas veroordeeld worden indien een bekentenis werd afgelegd, waadoor bij ontbreken van een hiervan - bij zware misdrijven - deze middels de pijnbank afgedwongen werd) opgenomen. Verder zijn hier de datum van het vonnis, de straf(fen) en het feit of de verdachte voortvluchtig was, vermeld.

Opmerkingen
Gegevens die niet bij de overige velden opgenomen zijn, maar die essentieel zijn voor de strafzaak. Daarnaast wordt in dit veld verwezen naar andere dossiers en records.

Uitgebreide inleiding
De criminele processtukken zijn een onderdeel van het archief van de Bossche Schepenbank. Over de periode 1550-1803 is circa 25 meter bewaard gebleven (Rechterlijk archief nrs. 61-183). Van rechtspraak door de schepenen van 's-Hertogenbosch is reeds sprake sedert de vroegste tijd. Naast de bevoegdheid om in civiele zaken recht te spreken, mocht de schepenbank in criminele zaken vonnissen in zogeheten halsmisdrijven. Dit hield in dat lijf- en doodstraffen konden worden opgelegd. De schepenbanken in de Meierij - het gebied waarvan 's-Hertogenbosch de hoofdstad was - die deze bevoegdheid (zgn. hoge jurisdictie) niet bezaten, verwezen de verdachten naar Den Bosch. De zogenaamde 'Hoge Heerlijkheden' daarentegen mochten zelf halsmisdrijven berechten.
De verdachte kwam op de gevangenpoort terecht - een echte gevangenis was er niet - en werd daar meestal verhoord. Op enkele uitzonderingen na verbleven de gearresteerden daar slechts in voorarrest, wat niet hoefde te betekenen dat de opsluiting slechts van korte duur was. Recht werd door de schepenen gesproken in de vierschaar in het stadhuis. De verdachte kon voor zijn begane misdaden veroordeeld worden tot straffen die varieerden van een lichte geldboete tot verbranding. Een vonnis dat veelvuldig werd gewezen was de verbanning uit de stad of zelfs uit de Meijerij. Deze straf werd in 's-Hertogenbosch waarschijnlijk veelvuldiger uitgedeeld dan in steden waar zich een tuchthuis bevond.
De dossiers, die variëren van een enkele notitie tot omvangrijke pakketten, delen ons niet alleen veel mee over misdaad en de zelfkant van de samenleving. Vooral de verhoren gunnen ons een blik in een stedelijke dan wel plattelandssamenleving die zo totaal anders was dan de onze en waarin geweld en eer een belangrijke rol speelden. Een van de meest belangrijke bronnen voor de studie naar de pré-industriële samenleving zijn dan ook de procesdossiers. Hierbij dient de onderzoeker zich er terdege van bewust te zijn dat in de meeste gevallen de overheid spreekt. Zij ondervraagt en oordeelt. De verdachte en getuigen worden gehoord, de overheidsdienaren doen hiervan schriftelijk verslag. Niettemin komt de onderzoeker veel te weten over beroep en werk, de omgang tussen jong en oud, de structuur in de stad en dorpssamenleving en de elite die oude gebruiken tracht tegen te gaan. Zo laten de nu toegankelijk gemaakte bronnen iets zien van de strijd die mensen leverden om te overleven in tijden van pest, hongersnood en oorlog en vertellen over vreugde en verdriet bij schuttersfeesten, bruiloften en begrafenissen. Veel gegevens zijn in de loop der jaren verloren gegaan. We zijn verheugd dat er ondanks brand en 'opruimzucht' nog zoveel bewaard is gebleven.
Na reconstructie van de processtukken - deze waren verspreid geraakt over honderden meters archivalia - werd gekozen voor het in de diepte toegankelijk maken van de informatie. Daartoe werden 37 vragen gesteld aan het materiaal. Met deze vragen of 'velden' is getracht het materiaal zoveel mogelijk tot zijn recht te laten komen. Het spreekt vanzelf dat een 'dossier' waarvan slechts één beschreven blad is bewaard gebleven minder informatie verschaft dan een dossier dat ondermeer verhoren, aanklacht, bevel tot arrestatie, verklaringen van getuigen bevat.
De criminele processtukken zijn geïnventariseerd. In het rechterlijk archief van de schepenbank bevinden zich ook de zogenaamde criminele rollen (1562-1801; met hiaten) waarin onder meer de gedagvaarde personen staan opgeschreven en de vonnisboeken (1676-1803) waar in het kort het misdrijf staat opgeschreven en het uitgesproken vonnis.
Voor de inventarisatie van de criminele processtukken is hier geen gebruik van gemaakt. In de vonnisboeken treft de onderzoeker namen van gevonnisten aan waarvan geen processtukken bewaard zijn gebleven. Met andere woorden er zijn meer veroordeelden dan processtukken. In Dataschurk treft u slechts het vonnis aan voorzover dit vermeld staat in het processtuk. Raadpleging van andere onderdelen van het rechterlijk archief geeft vanzelfsprekend meer informatie. De belangrijkste informatie bevindt zich echter in de criminele processtukken die nu middels Dataschurk toegankelijk zijn gemaakt.
Bij elk dossier is voor iedere verdachte een apart record aangemaakt. Het spreekt voor zich dat de bij de recordnummers behorende processtukken ter inzage zijn in het stadsarchief van 's-Hertogenbosch, de 'Fundgrube' voor professionele en amateur historici, genealogen, sociologen, studenten en scholieren.

Ik wil zoeken in ‘Dataschurk’