na 1874 expansie
Afbakening
Door het aannemen van de Vestingwet kan 's-Hertogenbosch zich buiten de muren uitbreiden. Een expansie volgt. De stadswijken Het Zand, De Muntel, De Vliert, Zuid, West, Oost, De Kruiskamp, Noord en Maaspoort worden volgebouwd. Het territoir van de gemeente wordt in 1933 (Deuteren) en in 1971 (Empel en Meerwijk, Engelen met Bokhove/i) uitgebreid.
Stadsbestuur
Vanaf 1922 is er algemeen kiesrecht. ledere Bosschenaar kan zijn of haar stem om de vier jaar uitbrengen op een politieke groepering of partij.
Economische ontwikkeling
Vooral in de jaren na de Tweede Wereldoorlog heeft 's-Hertogenbosch een grote uitbreiding gekend van industrie-vestigingen. Naast de vanouds bekende handelsfunktie wordt de nijverheid sterk uitgebreid.
Godsdienst
's-Hertogenbosch kent op dit moment een groot aantal verschillende geloofs- en levensovertuigingen.
Sociale zorg
Door de toenemende zorg van de overheid op dit terrein is de taak van de Bosschenaar met betrekking tot de zorg voor zijn misdeelde stadgenoot teruggelopen.
Cultuur
Zowel de aktieve als de passieve kunst- en cultuurbeoefening neemt toe in deze periode (stadsschouwburg Casino, Brabants Orkest, Noordbrabants Museum).
1874
's-Hertogenbosch is geen vestingstad meer. Toch betekent dit niet dat er ongehinderd buiten de wallen gebouwd kan gaan worden. Jaarlijks heeft men in de wintermaanden nog steeds te kampen met overstromingen. Dat betekent dat in ieder geval de stadsmuren gehandhaafd moeten blijven, niet om vijandelijke soldaten, maar om het water te keren.
Na 1874 zullen wel alle voorwerken en tenslotte de stadspoorten gesloopt worden. Omstreeks 1890 is dit werk voltooid.
1877
Gemeenteraad geeft opdracht aan A. van Hasselt tot het maken van een plan tot watervrijmaking van de stad en het bevaarbaar maken van de Dommel voor kleinere schepen. Dit laatste is nooit gerealiseerd.
1878
De regering dient bij de Staten Generaal plannen in tot een verbetering van de waterbeheersing. Deze zullen in gaan houden: heropening van de Oude Maas bij Hedikhuizen, verzwaring van de dijken van de Maas.
Deze plannen hebben blijkbaar duidelijk de instemming van het Bossche gemeentebestuur, want op 30 augustus wordt de heer van Hasselt eervol ontslagen van zijn opdracht wegens de regeringsvoorstellen.
De in Den Dungen geboren Adrianus Godschalk wordt bisschop van 's-Hertogenbosch als opvolger van mgr. Zwijsen.
Het laatste pand in Den Bosch met een houten voorgevel, 'Het Franse Kabinet' in de Kerkstraat, wordt afgebroken.
1879-1880
In de wintermaanden slaat het water opnieuw toe. Het heeft veel gevroren en het drijfijs zet zich in de rivieren vast. Dan begint het te dooien. Overstromingen zijn het gevolg en heel de stad loopt onder water. Veel gezinnen verhuizen naar de eerste verdieping van hun huis. Men vlucht over straat in karren of met boten. Anderen gaan met hoge baailaarzen of met stelten naar hun werk. Menig valpartij in het water is het gevolg. Er zijn ook Bosschenaren die blootsvoets (met de schoenen in de hand) door het water gaan. Drie weken duurt deze toestand.
1880
De gemeenteraad keert terug op haar beslissing om ir. van Hasselt te ontslaan. Hij krijgt opdracht om de watervrijmakingsplannen gedeeltelijk uit te voeren. Als in 1884 een stoomgemaal bij de Grote Hekel geplaatst is, loopt de stad niet meer onder water.
De restauratiewerkzaamheden aan de Sint-Jan vorderen gestadig. In 1880 is men bij de toren.
De gemeenteraad (immers de toren is eigendom van de gemeente) besluit over te gaan tot restauratie. Evenals bij de rest van de kerk wordt hier Udelfanger zandsteen voor gebruikt. Het geheel wordt omkleed met een schil harde fabrieksvorm-baksteen in sterke specie. Het resultaat hiervan zal zijn dat de gemetselde baksteenschil gaat afvriezen.
In de tweede helft van de negentiende eeuw wordt de verpleging van de Bossche gods- en gasthuizen langzamerhand overgenomen door religieuze orden.
Het sluitstuk van deze ontwikkeling is de komst in 1880 van de Zusters van de H. Carolus Borromeus uit Trier naar het Groot Ziekengasthuis, waar zij de verpleging van lekenbroeders en -zusters overnemen. Een verbetering van de kwaliteit van de verpleging zal het gevolg zijn.
1880-1890
Op de voormalige vestinggronden verschijnen huizen. Riantere op De Plein, goedkopere arbeiderswoningen worden gebouwd langs de Noord-, Zuid-, en Muntelwal door de Bossche Bouw-Mij. Gedeeltelijk wordt de voormalige wal gebruikt als plantsoen. Tuinarchitect
J.M. Maréchal beplant het plantsoen aan de Hekellaan ('de Wandeling' genaamd).
1881
De schilder, tekenaar en lithograaf Jan Sluyters wordt te 's-Hertogenbosch geboren.
In juni is de spoorwegverbinding Tilburg-'s-Hertogenbosch-Nijmegen gereed. Den Bosch is een knooppunt geworden voor de stoomlokomotieven. In november wordt er een stoomtramverbinding opgericht tussen 's-Hertogenbosch en Vught.
1882
De middeleeuwse vastenavondviering is gedurende eeuwen verboden geweest als zijnde een uitgesproken katholiek feest en de uitoefening daarvan was verboden. Uit de zeventiende en achttiende eeuw zijn ons verboden bekend om bv. vermomd over straat te lopen. In het midden van de negentiende eeuw is het Casino begonnen om (besloten) carnavalsbals te organiseren. Het straatcarnaval is gestimuleerd door de komst van Luikse glasblazers in de jaren 1850-1860. Het carnaval dreigt echter te gaan ontaarden, hetgeen ook geen wonder is. Het dagelijkse leven van de Bossche arbeider is niet bepaald rooskleurig; het carnaval is een uitlaatklep. In 1882 wordt de Oeteldonksche Club opgericht. Het doel is 'de instandhouding en veredeling der alhier zoo populaire Carnavalsfeesten'. In het dorp Oeteldonk kan dat gaan gebeuren onder leiding van een pseudo-gemeentebestuur.
1883
Op 23 augustus wordt de plaatsing van een grote lantaren op de Markt goedgekeurd. In de volksmond zal zij 'De Lange Sijn' worden genoemd, waarschijnlijk naar een bekend volkstype dat zo heet.
1885
Voor het eerst wordt de stichting van 's-Hertogenbosch herdacht. Er is eerst nog verschil van mening omtrent het stichtingsjaar. (Het handschrift van Pieter van Os zal eerst later ontdekt worden). Een jaarvers (waarin het stichtingsjaar opgenomen is) levert ons 1184 als stichtingsjaar, terwijl vaststaat dat hertog Hendrik l eerst in 1185 teruggekeerd is van een kruisvaart. De oplossing van dit verschil is te vinden in het feit dat vóór 1575 de jaartelling eerst met Pasen begint in Brabant. Dus in werkelijkheid in 1185, voor Pasen, is 's-Hertogenbosch gesticht.
Na deze historische schermutselingen kan het feest van het 700-jarig bestaan beginnen! Een hoogtepunt is het rondtrekken van een historische optocht, ontworpen door Antoon Derkinderen.
De waterleiding wordt aangelegd. Deze waterleiding levert een veel betere kwaliteit drinkwater dan de pompen. Vooral dankzij de aktiviteiten van de stedelijke gezondheidscommissie is deze waterleiding tot stand gekomen.
1886
De firma Ribbink van Bork en Co. legt telefoon aan in de stad. De toren van telefooncentrale wordt al spoedig 'Eiffeltoren' genoemd.
1887
De Liedertafel 'Oefening en Uitspanning' wordt op de Plein opgericht. In 1903 zou deze Liedertafel echter failliet gaan.
De gemeente richt een eigen gasfabriek op, die aangelegd wordt aan de Vughterweg. In 1932 wordt die echter opgeheven.
Er breekt een staking uit op een der sigarenfabrieken.Oorzaak: tengevolge van de economische malaise worden de lonen verlaagd.
1888
Bij de restauratie van de Sint-Jan komt men tot de ontdekking de voorgaande jaren steeds een verkeerde steensoort, de Udelfanger zandsteen, gebruikt te hebben. IJlings gaat men over op een andere steensoort: de zgn. Sint-Joire en Savennières, een Franse kalksteen.
1890
De drie voormalige stadspoorten worden afgebroken: De Sint-Janspoort, de Vughterpoort en de Hinthamerpoort.
In dit jaar wordt er door het stadsbestuur de beslissing genomen om het terrein ten westen van de Dommel op te hogen. De spoorlijn zal ook verlegd worden en er komt een nieuw station.
Men veronderstelt dat er daardoor voldoende expansiemogelijkheden zullen zijn voor de komende vijftig jaar om aan de vraag om woon- en werkruimte tegemoet te komen. De ophoging is noodzakelijk omdat de omgeving van de stad iedere winter nog steeds blank staat. Het benodigde zand wordt uit de Vughtse hei gehaald. Daar ontstaat een groot gat in de grond dat volloopt met grondwater: De IJzeren Man.
1891
In juli blijkt dat er door politieambtenaren marktgelden verduisterd zijn. Op de 18e vergadert de gemeenteraad daar over. Tegelijkertijd trekken leerlingen van de Koninklijke School door de stad terwijl ze zelfgemaakte liedjes over de kwestie zingen. Andere 'zanglustige' Bosschenaren volgen. Er ontstaan relletjes die enige dagen duren. Huzaren te paard zullen aan de onrust een einde maken.
1892
Het Departement 's-Hertogenbosch van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen schenkt (daartoe in staat gesteld door een legaat van Adrianus van der Heyden, 1779-1854) aan de stad een wandschildering voor de hal in het stadhuis, vervaardigd door de in 's-Hertogenbosch geboren Antoon Derkinderen. Het hoofdmotief van deze wandschildering is de stichting van de stad.
In geheel Nederland heeft men waardering voor deze schildering. Vijf jaar later wordt ook de andere wand in de hal voorzien van een dergelijke schildering, voorstellend 'de kathedraal, en die voltooid' zoals Derkinderen zelf aangeeft.
Wilhelmus van de Ven wordt bisschop van 's-Hertogenbosch. Deze Maria-vereerder kiest als wapenspreuk 'sub tutela Matris' (onder de bescherming van Moeder).
1893
De minister van Binnenlandse Zaken heeft in 1892 beslist dat de Rijkskweekschool naar Nijmegen verplaatst gaat worden; tenzij de stad 's-Hertogenbosch een nieuwe huisvesting bekostigt. De Gemeenteraad gaat akkoord. Tegenstanders van het openbaar onderwijs, vooral de katholieke geestelijkheid, verzetten zich tegen deze beslissing. De kwestie openbare of bijzondere kweekschool wordt tot inzet van de gemeenteraadsverkiezingen in 1893. De nieuwe gemeenteraad, op 5 september 1893 in vergadering bijeen, houdt de bouw van een nieuwe (Rijks)kweekschool tegen. Daarop verplaatst de minister de school naar Nijmegen.
Bisschop van der Ven kan nu starten met zijn eigen aktiviteit: het bouwen van een kweekschool voor katholieke onderwijzers. Op 7 november 1895 wordt de school ingezegend en geopend.
De afdeling 's-Hertogenbosch van de Sociaal-Democratische Bond wordt heropgericht. Eerder waren al pogingen gedaan een socialistische vakvereniging op te richten. Op zondag 22 oktober 1893 openen zij in de Snellestraat een eigen volksbier-en koffiehuis.
Een jaar later ontstaat er een scheiding. De SDB blijft bestaan als de Socialistenbond. Daarnaast ontstaat er de S.D.A.P. (Sociaal-Democratische Arbeiderspartij).
1894
Jhr. mr. P.J. Bosch van Drakestein, commissaris van de koningin, overlijdt. In zijn testament laat hij een bedrag van tienduizend gulden aan de gemeenten na, op voorwaarde dat voor dit bedrag een fontein zal worden opgericht.
Ir. J.J. Dony maakt het ontwerp voor 'De Draak', die op 19 juli 1903 eerst zal worden opengesteld.
1895
Koninklijk bezoek in de stad. De veertienjarige Wilhelmina (nog meestal 'het prinsesje' genoemd) brengt met haar moeder een bezoek van twee dagen aan Den Bosch. Een drietal erepoorten worden voor het bezoek ontworpen.
1896
Feestelijk wordt het door Eduard Cuypers ontworpen station geopend. Het is het hoogtepunt van de stadsuitbreiding ten westen van de Dommel. Deze stadsuitbreiding staat bekend als 'het nieuwe terrein' en als 'het zand'. De laatste naam is gebleven.
L. Bogaerts is, de eerste bewoner van Het Zand. Menigeen voorspelt hem een vroegtijdige dood, omdat hij dagelijks de brug over de Dommel zou moeten passeren, bij weer en wind, bij nacht en ontij.
Er is zelfs geopperd langs de leuningen van de Stationsbrug glazen tochtschermen te doen aanbrengen, om het publiek tegen windvlagen te beschermen.
1897-1899
Architect J. Groenendaal uit Amsterdam ontwerpt het zgn. Mariënburgcomplex; een nieuwbouw voor het hoofdbestuur, noviciaat, kweekschool, internaat en communiteit van de Zusters van J.M.J.; De naam Mariënburg is ontleend aan het middeleeuwse Franciscanessen-klooster dat in de Uilenburg heeft gestaan.
1898
De paters Capucijnen vestigen zich in 's-Hertogenbosch op Het Zand. Naar hen wordt de Kloostersingel genoemd. Deze Kloostersingel zal echter als eerbetoon genoemd worden naar burgemeester Van der Does de Willebois, tijdens wiens lange ambtsperiode (1884-1917) Het Zand gerealiseerd wordt.
1899
Een woningtelling toont aan dat 21,8% van de Bossche woningvoorraad bestaat uit éénkamerwoningen, waar een heel gezin in huist. Tweekamerwoningen zijn er ook: 35,1%. Dat betekent dat in 1899 57% van de Bossche woningen slechts één of twee kamers bevatten.
De stadsreiniging, die voorheen verpacht werd, wordt een taak voor de gemeente.
1900
De architecten Jos Cuypers en An Stuyt krijgen opdracht van mgr. Prinsen, de pastoor van de Sint-Jacobparochie om een nieuwe kerk te ontwerpen.
De nieuwe kerk komt in 1905 gereed, behalve de toren. De toren zou oorspronkelijk hoger worden dan die van de Sint-Jan. Mgr. Prinsen moest daarop terugkomen; een lagere toren voor de Sint-Jacob!
1903
De militaire stallen aan de Parade worden door brand verwoest. Zij waren aangestoken. Ze worden herbouwd en zullen in 1935 verdwijnen als op dezelfde plaats de schouwburg van de Sociëteit Casino wordt opgericht.
1905
Er wordt een Paleis van Justitie gebouwd aan de Spinhuiswal. Onder andere wegens de kleur wordt het gebouw 'het gele gevaar' genoemd.
1906
Op 1 november wordt de Schutterij opgeheven.
In 1815 zijn deze burgerwachten opgericht. Slechts éénmaal zijn zij bij gevechten betrokken geweest: tijdens de tiendaagse veldtocht in 1831. Later hebben zij veel schietwedstrijden georganiseerd en zijn bij de Bossche bevolking bespot om hun 'paraderen'. De voorwerpen van de Schutterij krijgen op het stadhuis onderdak in een eigen museum. Uit ruimtegebrek zal dit museum in 1950 tijdelijk niet toegankelijk zijn. De voorwerpen liggen nu op de zolders van het Noordbrabants Museum.
1908
Het Drongelens Kanaal wordt gegraven, het laatste onderdeel van het plan tot watervrijmaking van 's-Hertogenbosch. Het vrijgekomen zand wordt gebruikt om de stadsgracht tussen de Pettelaarse weg en het bastion Anthony te dempen.
De kelders onder het stadhuis worden 'herontdekt'. Uitgegraven vinden zij een bestemming als boterhal; later als Raadskelder (restaurant).
De gemeente koopt 'De Rodenburg', de tegenhanger van 'De Moriaan'. In 1910 verkoopt zij het gebouw, echter met een sloopplicht...
1909
Architect L.C. Hezemans overlijdt en wordt als restauratiearchitect van de Sint-Jan opgevolgd door H. van Heeswijk. Van Heeswijk huldigt het principe 'behouden gaat vóór vernieuwen'. Vóór 1909 heeft men veel vernieuwd; grotendeels is het uiterlijk van de Sint-Jan neo gotisch geworden.
Met veel feestvertoon wordt het 25-jarig ambtsjubileum van jhr. Van der Does de Willebois gevierd als burgemeester van 's-Hertogenbosch.
1910
Onder leiding van H. van Heeswijk, restauratie architect van de Sint-Jan, wordt de uit 1491 daterende gevel van de Sint-Anthoniuskapel gerestaureerd.
1911
De Bosschenaar Henri Bakker is de eerste piloot van het Nederlandse leger. Met zijn vliegtuig 'De Condor' maakte hij ook vluchten vanuit een primitief kampement dat het leger in de omgeving van de Pettelaarse Schans heeft opgericht. Voor vele Bosschenaren was de vlucht vanuit dat kamp rondom de toren van de Sint-Jan de eerste kennismaking met een vliegtuig.
1913
De Leergangen komen in 's-Hertogenbosch vanuit Amsterdam. In 1917 zoeken de Leergangen een nieuwe huisvesting, daar het verspreid lesgeven in verschillende lokalen het onderwijs niet ten goede komt. Men vindt een goed terrein op Het Zand. Maar Tilburg biedt naast huisvesting een bedrag van f. 100.000,—. De Leergangen verdwijnen en daarmee een eventuele kans op een katholieke universiteit.
Het bordes van het stadhuis wordt gerestaureerd. Het oorspronkelijke bordes was verdwenen en vervangen door één brede trap. Nu wordt het bordes met aan weerszijden een trap in de oorspronkelijke staat teruggebracht.
1914
De Broeders van Barmhartigheid van Sint-Joan de Deo waren reeds in 1876 naar 's-Hertogenbosch gekomen. Zij begonnen met de verpleging van zieken in de Orthenstraat, later aan de Papenhulst.
In 1914 bouwen zij in de Papenhulst hun eigen mannenziekenhuis. In 1963 zullen zij de stad verlaten. Het ziekenhuis zal dan de naam krijgen Carolus II.
1914-1918
Door de teruglopende aanvoer van tabak tijdens de Eerste Wereldoorlog raken een groot aantal sigarenmakers werkeloos. Op initiatief van wethouder Krijgsman worden zij omgeschoold tot bouwvakker.
Deze nieuwe bouwvakkers bouwen niet met normale baksteen, maar met stenen van een groot formaat. De zgn. 'sigarenmakerswoningen' bevinden zich in de omgeving van het Eikendonkplein en in het gebied tussen de Graafseweg en de Westenburgerweg.
Na het bombardement van Antwerpen tijdens de Eerste Wereldoorlog komen duizenden Belgen naar 's-Hertogenbosch, waar zij onderdak vinden.
1915
De conrector van het Stedelijk Gymnasium, dr. L. Sicking, neemt het initiatief tot oprichting van een toneelvereniging 'Roomsen Toneel'.
1916
Bij gelegenheid van het vijftig jaar trekken van de Omgang wordt besloten jaarlijks een Plechtige Omgang door de stad te laten lopen. Met veel enthousiasme wordt hiertoe besloten.
1917
Hoewel men gedacht had dat Het Zand voldoende ruimte zou bieden voor vijftig jaar stadsuitbreiding, is het terrein na vijfentwintig jaar al vol. In 1917 begint men met het uitbreidingsplan De Muntel.
1918
Tijdens de wereldoorlog is er geen openlijk carnaval gevierd. Sommigen willen dit handhaven, anderen willen terug naar de openbare carnavalsviering.
Lange discussies in de Gemeenteraad zijn er het gevolg van. Het blijft verboden zich te vermommen, de optocht mag niet gehouden worden, de stad wordt 'drooggelegd'. In 1937 zal er weer een optocht trekken op de carnavalsmaandag.
1921
Als in 1906 de Schutterij ontbonden wordt, weet burgemeester Van der Does de Willebois het muziekkorps te behouden. Het wordt het Bossche Stedelijk Orkest o.l.v. Marinus Ogier. De financiële lasten voor de stad van de 45 musici worden te hoog. Reddingsakties om het orkest te behouden falen. Met ingang van 1 januari 1921 wordt het orkest ontbonden.
1922
In de Kempenlandstraat wordt een badhuis geopend; in 1966 zal het worden gesloten.
1924
De militairen verlaten de voormalige Sint-Jacobskerk in de Bethaniestraat. Het Provinciaal Genootschap huurt het gebouw en vestigt haar museum er in. Dit is te weinig om de grote ruimten te vullen. De gemeente geeft daarop haar eigen oudheidkundige verzameling in bruikleen.
Het museum wordt op 8 juli 1925 geopend.
1927
Burgemeester Frans van Lanschot houdt voor de radio een praatje over 's-Hertogenbosch en nodigt héél Nederland uit zijn eigen stad te komen bezoeken.
Duizenden 'luistervinken' bezoeken dit jaar 's-Hertogenbosch, waar ze persoonlijk rondgeleid worden door de burgemeester en gastvrij aan kunnen zitten aan een Brabantse koffietafel, aangeboden door Bossche bedrijven.
1929
De laatste paardentram vertrekt op 12 mei. Het is de route 's-Hertogenbosch-Vught; opgericht in 1881. Deze tramlijn was opgericht als stoomtram; in 1895 vervangen door paardetractie.
1930
Op 17 juli onthult de Bossche burgemeester het standbeeld van Jeroen Bosch op de Markt, ontworpen en vervaardigd door August Falise.
1931
Er wordt tot dit jaar veemarkt gehouden op het (nu zo geheten) Kardinaal van Rossumplein en de Van Berckelstraat. Burgemeester Van Lanschot besluit tot de bouw van een grote overdekte veemarkt, buiten het stadscentrum. De Bossche middenstanders vrezen door deze verhuizing een omzetverlies. De plannen van Van Lanschot worden doorgezet en in 1931 wordt de nieuwe veemarkt geopend.
1933
De gemeente Cromvoirt wordt opgeheven. Het gedeelte Deuteren (ten noorden van de spoorweg 's-Hertogenbosch - Lage Zwaluwe) komt bij 's-Hertogenbosch de rest bij Vught.
1935
Feestelijk wordt het 750-jarig bestaan van de stad herdacht. Op de Hekellaan en in de zgn. Casinotuin verschijnt
'Oud-'s-Hertogenbosch', Niek de Rooy presenteert voor het eerst een Bossche Revue, het spel Beatrijs wordt opgevoerd, in vele buurten vinden wijkfeesten plaats. Dit alles onder de gezongen opwekkingskreet: 'Haal de vlaggen van de zolder...'.
1938
Op 22 december brandt 'De Zon' (V&D) aan de Pensmarkt geheel af. Aangezien het bijzonder hard vriest, verstilt het bluswater tot reusachtige ijspegels. Het gebouw wordt niet direkt herbouwd; er verrijzen etalages. Eerst in 1966 zal er een nieuw warenhuis worden gebouwd.
1940
Na de Duitse inval ontmoeten Nederlandse en Franse troepen de Duitsers in de buurt van de Graafseweg. Het Sint-Jozefhuis wordt beschadigd bij de beschietingen die daarbij plaatsvinden.
In 1938 was bij gelegenheid van de vredesbesprekingen in München door de Engelse eerste minister Chamberlin een inskriptie op de gevel van het stadhuis aangebracht. Onder een duif met een takje in de snavel stond gebeiteld: 'Laus Deo Semper. Ter dankbare herinnering aan het grootsche vredeswerk van Neville Chamberlain. September 1938. Pax optima rerum'. Een Duitse officier die deze inskriptie ziet, beschadigt deze met zijn sabel. De inskriptie wordt daarop grotendeels verwijderd.
Op 24 mei wordt het Volderstraatje verwoest door bommen. Hierbij vallen zes doden.
1941
Burgemeester van Lanschot neemt ontslag als burgemeester. Hij houdt een zeer uitvoerige afscheidsspeech, die hij eindigt met de woorden: 'Ik heb mijn best gedaan. Mijn vaderstad tot 't eind voor te gaan. Vaarwel 's-Hertogenbosch, verwacht een ander Heer!'
1942
Op 31 januari worden alle straten en pleinen die genoemd zijn naar levende leden van het Koninklijk Huis gewijzigd.
Tijdelijk verdwijnen de Wilhelminabrug (Stationsbrug), Julianaplein (Prins Mauritsplein), Prins Bernardstraat (Maire Verheyenstraat) en het Wilhelminapark (Jheroen Boschpark). Nadat 's-Hertogenbosch op 27 oktober 1944 is bevrijd, verandert de waarnemend burgemeester (de bevoegdheid van de gemeenteraad uitoefenend) de straatnamen al na vier dagen opnieuw.
De voetbalvereniging Wilhelmina zal tijdelijk 'de Kanaries' heten.
1944
Bij de bevrijding van 's-Hertogenbosch door de 53e Welsh Devision wordt er zwaar gevochten. Velen sterven, velen raken gewond in de strijd. Een groot aantal gebouwen wordt vernield of zwaar beschadigd. Ook het station van Ed. Cuypers en de Leonarduskerk. De kerk zal worden hersteld, het station afgebroken.
De oorlog heeft aan 515 Bosschenaren het leven gekost. Er zijn 722 huizen en gebouwen totaal verwoest of onherstelbaar beschadigd. Een kleine tienduizend percelen zijn licht beschadigd.
1945
Na de oorlog komt ook het culturele leven weer op gang. Uit januari 1944 dateert het eerste nummer van het blad van 'De 's-Hertogenbossche Kunstkring 1944'.
Reeds eerder (nl. in 1893) was er een 's-Hertogenbossche Kunstkring opgericht.
1946
De bevrijdingsfeesten in De Pijp worden geheel in Franse stijl gehouden. De Pijp wordt omgetoverd in 'Le Montparnasse'. Dit is ook de titel van de speciale krant die als ondertitel heeft: 'Le Journal de la Rue de la Pipe'.
1947
De bewoners van de Weversplaats en omgeving voeren het toneelspel Het Bosch Marieke op in het Casino.
1948
De voetbalvereniging B.V.V. wordt-landskampioen.
1949
Herman Moerkerk overlijdt op 23 augustus. Deze op 2 maart 1879 geboren Bosschenaar is bekend door zijn vele tekeningen en karikaturen, ontwerpen en journalistieke pennevruchten. Ook was hij regisseur van optochten. Vooral zijn uit de twintiger jaren daterende karikaturen op de Bossche samenleving hadden ieders aandacht.
1950
Op 6 mei treedt het Brabants Orkest voor het eerst op. Dit gebeurt in het Casino onder leiding van Hein Jordans.
1951
Op 8 september wordt het sportpark De Vliert geopend.
De rederijkerskamer 'De Fonteijne' uit Gent komt op bezoek. Deze kamer heeft sinds 1448 de rechten om andere rederijkerskamers te bevestigen. Sedert 1938 maakt zij daar weer gebruik van.
Bij deze gelegenheid wordt 'Roomsen Toneel' door de wapenheraut van De Fonteijne uitgeroepen tot Souveryne Camere onder de naam Moyses' Bosch. Hiermee is een traditie nieuw leven ingeblazen. Burgemeester Loeff wordt geïnstalleerd als 'Prince der Camere'; na hem zullen ook zijn opvolgers prins der kamer zijn.
1953
Met allerlei aktiviteiten wordt gevierd dat 's-Hertogenbosch Muziekstad is. Door de stichting 's-Hertogenbosch Muziekstad wordt nu nog jaarlijks het Vocalistenconcours georganiseerd. Door Zoete Lieve Gerritje wordt de laatste steen gelegd van de Markt die herbestraat is. Het is het eerste openbare optreden van Gerritje. Bij deze herbestrating verhuist het standbeeld van Jeroen Bosch van het grote open deel van de Markt naar een intiemer plekje tegenover het stadhuis.
Aan de Hekellaan verrijst een monument, ter herinnering aan de gevallenen in de Tweede Wereldoorlog. Het monument is vervaardigd door Peter Roovers.
Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de terugkeer van het Mariabeeld in de Sint-Jan worden door Marius de Leeuw en Luc van Hoek nieuwe kleding en attributen voor de Plechtige Omgang ontworpen.
1956
In januari overlijdt Harrie Kuijpers, sinds 1923 lid van de Bossche Gemeenteraad en oprichter van de plaatselijke 'Groep Kuijpers'.
1956-1959
Het bejaardentehuis Anthoniegaarde wordt gebouwd. De vijftiende eeuwse gevel van de voormalige Anthoniuskapel wordt bij de bouw betrokken; er komt een moderne kapel achter.
1958
Voor het eerst wordt er in de Hertogstad een Pax Christi voettocht gehouden voor eindexamenkandidaten van het middelbare onderwijs.
1960
Het pand De Moriaan dreigt te worden afgebroken. De Bossche gemeenteraad heeft een dergelijk besluit genomen. Middels veel krantenpublikaties (in het gehele land) wordt de aandacht gevestigd op het oudst bewaard gebleven woonhuis in Nederland. Het gemeentebestuur gaat overstag: de Moriaan zal worden gerestaureerd.
1960-1971
Gedurende elf jaar vindt er een restauratie plaats van de uit de zeventiende eeuw daterende gobelins uit de raadszaal van het Bossche stadhuis.
1964
Door de gemeente wordt een Structuurplan-1964 voor de binnenstad voorbereid. 's-Hertogenbosch zal mee moeten gaan in de vaart der volkeren. De Binnendieze wordt gedempt, er overheen worden nieuwe wegen dwars door de stad aangelegd, opdat iedereen zo snel mogelijk het stadscentrum kan bereiken. Andere doorbraken zullen eveneens plaats moeten vinden.
Ongeveer tegelijkertijd schrijft de minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen een brief, waarin hij meedeelt dat er 623 Bossche panden in de Monumentenlijst geplaatst dienen te worden.
Het Bossche College van B&W vindt echter dat er slechts 106 monumenten in onze stad aanwezig zijn, waarvan er bovendien 18 afgebroken moeten worden (in het kader van het genoemde structuurplan). Burgemeester en Wethouder stellen de Gemeenteraad voor 88 panden als monument te kwalificeren.
De argumenten om van 623 monumenten terug te gaan naar 88 zijn:
- dat zoveel monumenten een ongunstige invloed zullen hebben op het economisch leven in de stad, en
- dat het voornemen van de minister in strijd is met een te voeren saneringsplan voor de binnenstad (het Structuurplan), naar aanleiding van dit grote verschil 623 - 88 verschijnen er in de plaatselijke pers veel ingezonden artikelen. Vooral het Comité Binnenstad, Jan van der Eerden en Hein Bergé ('een monument is een krot als het in de weg staat'), bepleit het volledige behoud van de Bossche binnenstad. Tenslotte stelt de minister 240 Bossche monumenten vast.
Naar een ontwerp van prof.ir. A. Heetman wordt het zgn. Heetmanplein aangelegd.
1965
Op 13 februari ontploft het Concertgebouw, de voormalige Liedertafel. Ontsnappend gas is de oorzaak van een enorme ravage. Het gebouw wordt afgebroken.
1966
In januari wordt het Brabantbad geopend.
In de zomermaanden vinden er poetry-reading plaats rond het standbeeld van Jeroen Bosch. Lezers van gedichten zijn o.a. Peter van Lieshout en Hans Vlek. Deze in happening-sfeer gehouden bijeenkomsten worden door de politie niet toegestaan.
Op 18 november wordt een deel van de Bossche binnenstad officieel uitgeroepen tot voetgangersgebied.
1967
In het Noordbrabants Museum wordt een tentoonstelling gehouden van de vijftiende eeuwse Bossche schilder Jeroen Bosch. Veel van zijn werken zijn aanwezig.
De belangstelling is enorm: 270.900 bezoekers zullen aan de tentoonstelling een bezoek brengen.
1968
Op 3 oktober wordt de Hogere Agrarische School geopend.
1971
De gemeente Empel en Meerwijk en de gemeente Engelen (met Bokhoven) worden op vrijwillige basis geannexeerd.
De heren Bergé en van der Eerden die hun strijd tegen het Structuurplan 1964 vanaf 1966 in de gemeenteraad hebben uitgevochten (middels 'Beter Bestuur' en 'Den Bosch 2000') vinden dat dit Plan voorgoed van de baan is en stappen uit de politiek. Anderen zijn die mening niet toegedaan; de raadsgroepering Knillis wordt opgericht.
In juli wordt de Redemptoristenkerk gesloten en aan de gemeente verkocht. Aan het eind van het jaar sluiten ook de Leonarduskerk en de Sint Pieter hun deuren. De neo-gotische Leonarduskerk zal in 1973 worden afgebroken.
De rondweg rond 's-Hertogenbosch wordt in gebruik genomen. Dit betekent voor de wijk Het Zand een grote ontlasting van de verkeersstroom; deze zal voortaan buiten de stad blijven.
1974
De openbare bibliotheek vestigt zich in het voormalige Geefhuis (Tafel van de H. Geest, later Oude Mannen- en Vrouwenhuis) in de Hinthamerstraat.
1975
De restauratie van het uit het begin van de 17e eeuw gebouwde Kruithuis is gereed gekomen. In het gebouw is de Gementelijke
Tentoonstellingsdienst gevestigd. In het Monumentenjaar is voorts het komplex De Twaalf Apostelen gerestaureerd en middels een aktie onder de Bossche bevolking ("n Ton voor het Carillon) is het klokkenspel van het stadhuis eveneens gerestaureerd.
1976
Een nieuw Casino wordt in gebruik genomen, nadat het uit 1935 daterende gebouw is afgebroken.
Op het eind van het jaar worden naast de spits ook de klokkenhuizen van de Sint-Jan weer zichtbaar voor de Bosschenaren na een restauratie.
1977-1978
Omdat er in het wapendiploma (uitgereikt door de Hoge Raad van Adel in 1817) diverse fouten voorkomen wordt er een rapport opgesteld, waarin voorstellen tot verbetering worden gedaan. Op 21 december 1977 wordt dit voorstel tot wapenverbetering door de Gemeenteraad aangenomen. De officiële wapenbeschrijving wordt goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van 8 maart 1978, nr. 54.
1980
Door de Gemeenteraad van 's-Hertogenbosch wordt op 27 november een voorstel aangenomen tot viering van het 800-jarig bestaan van 's-Hertogenbosch als stad in 1985. Burgemeester rnr. B.L.A. van Zwieten: Iedereen is het over eens dat wij het 800 jarig bestaan van de stad op gepaste wijze, zowel passend in het beeld, de sfeer en de situatie van onze stad als passend binnen de mogelijkheden die wij in het jaar 1985 zullen hebben, dienen te vieren. ledereen meent dat wij tot een zo goed mogelijke viering -ik gebruik dat woord liever dan het woord 'feest'- dienen te komen, waarbij we ernaar moeten streven dat deze viering velen nog lang zal heugen en dat zij zal bijdragen tot de bevordering van de saamhorigheid van de bewoners van onze stad'.



